Weekendje weg

Neem een huis, een dertienpersoonsvakantiehuis. Op vrijdagmiddag kom je er. De kamers zien er schoon en opgeruimd uit. Een dag later staat er van alles en nog wat, in de douches heeft een ieder zijn/ haar territorium ingenomen. Maandagochtend tien uur: het huis is weer leeg, en alles staat weer op zijn plek. En in de tussentijd is er veel en ook niets gebeurd.

 

 

We vierden de 65ste verjaardag van allernaaste met ons allen in een vakantiehuis in Steenwijk. Al weken waren we er mee bezig geweest, dat wil zeggen, de hele club, met uitzondering van allernaaste. Niet dat we zoveel plannen gemaakt hadden, wel dat we al veel voorpret hadden. Op mijn verjaardag, (drie dagen voor de zijne) werd de verrassing onthuld. Een verrassing die in de smaak viel.

Zo waren we dan bij elkaar, afgelopen weekend. We genoten van elkaar en van het mooie weer, van goede gesprekken en lekker eten. Zaterdagmiddag waren we in twee boten in de Weerribben te vinden. Voor sommigen van ons leek het in eerste instantie best wel eng, in zo’n boot varen met zeven personen. Er kan zoveel gebeuren en je weet het maar nooit van tevoren. Loslaten en overgeven heet zoiets. De verzekering dat, als het ècht te spannend zou worden we weer terug zouden gaan werkte al zo rustgevend dat de rest van de middag zonder zorgen verliep. Zelfs Titanic liedjes werden gezongen. (wat ik dan weer iets minder rustgevend vond)

Het was een mooie tocht, waarin we veel plezier hadden en genoten van de omgeving. Bijzonder om in eigen land toch steeds weer nieuwe dingen te ontdekken.

 

Die nieuwe dingen waren er zondagochtend ook. We gingen uitgebreid met elkaar in gesprek. We deelden welke bijbeltekst ons raakt en waarom. In alle openheid konden we met elkaar praten, delen, zingen en bidden. (al vonden de jongsten deze (kerk)dienst wel erg lang duren)

Vanmiddag kwamen we weer thuis. Ik moet dan eerst omschakelen. Vanuit de drukte weer naar de rust van ons samenzijn. Dankbaar terugkijken op geweldige dagen, die we als bijzonder cadeau uit Gods hand mochten ontvangen.

 

Dagje Zutphen

Vorige week was ik met een van mijn zussen in Zutphen. Een dag samen op pad zat al lang in de planning, en nu dus eindelijk concreet. We wilden een stadswandeling maken en een (over)ijverige stagiair bij de Zutphense VVV legde ons diverse routes uit. Wij hadden onze keuze snel gemaakt en kozen voor de hofjesroute.

Wat is het mooi om in een stad echt oude gebouwen te zien. In mijn eigen stad is in 1862 een stadsbrand geweest waarbij de hele binnenstad afbrandde, en de stad van mijn zus is in de tweede wereldoorlog per ongeluk gebombardeerd. In beide steden is niet heel veel ouds te ontdekken. We keken onze ogen uit, en verwonderden ons over de oudheid van huizen en gebouwen.

Behalve een hofjesroute is er een literatuurroute. Beide routes overlappen elkaar wat. We zagen mooie teksten op huizen staan. Deze bijvoorbeeld:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De tekst ontlokte een gesprek over kippen en eieren, oftewel: word je eenzaam omdat je leest, of lees je omdat je al eenzaam bent? Ik las als kind al heel veel. (En ik denk dat mijn zus nog meer las dan ik). Iedere woensdagmiddag gingen we naar een wijkgebouw waar de bibliotheek in was. Ik herinner me niet dat ik me eenzaam voelde door mijn vele lezen. In latere jaren bleef ik veel lezen, meestal ontspanningslektuur. Soms was dat lezen een beetje een vlucht uit het dagelijkse leven, even iets anders dan was opvouwen en schoonmaken en wat er nog meer te doen valt in een gezin. Ik kon helemaal in een boek opgaan. Nu nog wel, maar ik lees veel minder, met dank aan social media en het internet. Het was leuk om hier over na te denken en filosoferen.

We belandden in een kerk waar een fototentoonstelling (“Zie mij”)  was. En een verbouwing. De tentoonstelling was samengesteld en gemaakt door Caroline Waltman. De foto’s waren bedoeld als beelden bij de bijbel. Niet alle beelden konden wij goed plaatsen, al waren de (meeste) foto’s erg mooi. Deze foto sprak mij erg aan:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Of die tekst op het shirt toevallig is of niet, dat zullen we wel nooit weten. De bijbeltekst die erbij stond was Ezra 1 vers 4: “Allen die hier nog als vreemdeling verblijven, waar zij zich ook mogen bevinden dienen van hun medeburgers ondersteuning te krijg in de vorm van zilver, goud, goederen en vee.” Zeker een mooie tekst… en meer dan “slechts” een bijbeltekst. Een tekst om over na te denken, en een tekst om mee aan de slag te gaan.

Het was warm die dag, en het was goed die dag. We aten en dronken en praatten en genoten van elkaar.

Welke privacy?

Dat er vandaag een wet in werking is getreden die al twee  jaar op stapel stond, kan (bijna) niemand ontgaan zijn. Ik verbaasde me over het aantal nieuwsbrieven waar ik kennelijk op geabonneerd ben. Inmiddels is dat aantal gereduceerd. Vanmiddag was er bij de post een geadresseerde catalogus die ik zeker niet aangevraagd had. Ook dat heeft met privacy te maken… Ik denk dat ik nog een privacy verhaal op dit blog moet zetten, en ik weet zeker dat ik een privacyverklaring op mijn bedrijfswebsite moet zetten. Maar die moet ik nog in elkaar zetten. (lees: knippen en plakken).

Gister verscheen deze blog op de website van het CGMV, Ook over dit onderwerp….

Vrijdag 25 mei 2018 treedt de wet AVG in werking (algemene verordening gegevensbescherming). In Europa gelden nu dezelfde regels met betrekking tot de omgang met persoonsgegevens. Dit is niet helemaal nieuw, wel verandert er een en ander. Bij onze coöperatie zijn we ijverig bezig om bijvoorbeeld mails, met persoonlijke gegevens van cliënten, via een beveiligd programma te versturen. Het betekent eveneens dat cliënten nog vaker dan nu een handtekening onder een toestemmingsformulier moeten zetten. 

Heb je een weblog, zoals ik, dan moet je ook even goed nadenken waar je mee bezig bent en wat je doet met gegevens van bezoekers. Tot nu toe heb ik dat nog niet gedaan, er gemakshalve van uitgaand dat weblogs niet het eerste onderzoeksveld zullen zijn. 

Kerken en kerkbladen
In hoeverre moeten kerken rekening houden met deze wet? Mogen kerkdiensten nog via internet uitgezonden worden, compleet met alle informatie die in voorbeden gegeven (kan) worden? En kerkbladen? Wat mag daarin staan? (Ik stop gelezen kerkbladen bij het oud papier, hoe wijs is dat eigenlijk?) 

Geboortedatum
De AVG gaat over persoonsgegevens en wat je ermee doet. Dit vooral digitaal en schriftelijk. Er wordt nu al geklaagd over deze wet: overdreven, werkverschaffing et cetera. Hoe wordt in het dagelijks leven met persoonsgegevens omgegaan? Ik erger me eraan dat ik iedere keer als ik bij de apotheek kom, mijn geboortedatum moet noemen. Dit gebeurt ook bij ieder bezoek aan een specialist in het ziekenhuis. Ik vind dat irritant. Ik ben nog aan het nadenken over een truc om dat hardop noemen van mijn geboortedatum te omzeilen. 

Opnamegesprek
Vorige week viel een goede kennis van mij (97 jaar oud, zelfstandig wonend, bloedverdunners gebruikend). Hij moest naar het ziekenhuis omdat hij een hoofdwond had en erg veel bloed verloor. We zaten (meneer lag) een halve dag op de spoedeisende hulp. Vele keren kwam zijn geboortedatum voorbij. Uiteindelijk moest hij toch een nacht in het ziekenhuis blijven. Hij kwam op een kamer met drie anderen te liggen. Een verpleegkundige deed het opnamegesprek. 

Volume
Opnieuw moest meneer vertellen wat er die dag was gebeurd. Opnieuw moest hij allerlei testjes doen. Opnieuw moest hij vertellen welke medicijnen hij gebruikt. Vervolgens moest er nog vastgelegd worden hoe het ontlastingspatroon was van meneer. Hoe vaak? Medicatie nodig? Omdat meneer hardhorend is, werden de vragen op aangepast volume gesteld. De antwoorden kwamen eveneens op dit volume. Fijn, die privacy, vooral op papier. Wanneer komt er een wet AVG voor dit soort situaties? Of wanneer gebruiken we ons gezond verstand? 

Dodenherdenking

Dat het gisteren vier mei was, en dat het gisteren dodenherdenking was, is geen nieuws meer. Toch nog een terugblik op gisteren. Het was de dag van de begrafenis van een tante van mij. De schoonzus van mijn moeder. Een overlijden op de leeftijd van de zeer sterken.

Samen met mijn moeder reed ik naar Assen, waar een aantal zussen al waren. De dankdienst voor het leven van onze tante was een mooie dienst. Bemoedigend en hoopvol. Veel herinneringen werden opgehaald. Onder anderen over de oorlogstijd. Heel bijzonder om  nu, na al die jaren, te horen wat onze tante toen heeft meegemaakt.

Haar vader vaarde op de grote vaart, en kon zes jaar lang niet thuis komen. (dat was van haar tiende tot haar zestiende levensjaar). In de oorlog, het gezin woonde in Rotterdam, moest zij uiteindelijk naar een soort pleeggezin, om de hongerwinter te kunnen overleven. Heftige tijden, een gezin dat lijdt onder gemis en ontberingen. Een ieder overleefde de oorlog, ogenschijnlijk ongeschonden is men de oorlog doorgekomen. Tegelijk is er enorm gemis en onzekerheid geweest.

Dit zijn de “kleine”oorlogsverhalen. Ook die zijn belangrijk om te bewaren en te herinneren. Vier mei herdenken blijft belangrijk.

Kennis en inzicht

Vandaag staat er weer een nieuwe blog online op de website van het CGMV.

Inmiddels de vierde alweer! De andere blogs zijn via de website terug te vinden. Ik vind het bijzonder leuk om te doen. Het bijzondere is dat iedere vier weken spontaan een onderwerp in mijn gedachten komt waar ik over kan schrijven.

I’LL PUSH YOU

Al tijden zie ik een hemelsblauw boek met bovenstaande titel. In veel (christelijke) bladen wordt er mee geadverteerd. Mijn eerste gedachte was dat het zo’n echt amerikaans overwinningsverhaal is. Twee (amerikaanse) vrienden besluiten tot het maken van een pelgrimstocht. 800 kilometer lopen, vanuit Frankrijk, dwars door Spanje, einddoel Santiago de Compostella. Bijzonder, maar een tocht die meer mensen maken. Het bijzondere zit er in dat de ene vriend in een rolstoel zit en met alle dagelijkse handelingen geholpen moet worden en dat de andere vriend van plan is die rolstoel die 800 kilometer te gaan duwen. Maar de tocht is gelukt, er is een boek en een dvd over gemaakt. Missie geslaagd…. iets in de categorie: aardig…

Tot dat ik op social media een aankondiging zag van een nederlandse “I’l push you’. De uitgever had bedacht dat er in ons land ook nog wel een pelgrimstocht te vinden was . Het idee was om met een paar mensen die afhankelijk zijn van een rolstoel, en mensen die (zo nodig) kunnen duwen, die tocht te maken. Einddoel:  de uitgeverij waar de nederlandse editie van dit boek uitgegeven wordt. Tja… en als je dan een van de rolstoelers (een beetje) kent, wordt het wel meer interessant. Zo kwam het dat ik toch nog vlak voor pasen dit boek kocht. En gisteravond las ik de laatste bladzijde.

Het leest (dus) als een speer. Af en toe legde ik het bewust weg, om na te kunnen denken over wat ik las. Het is niet alleen een uitgebreid verhaal over hoe de tocht tot stand kwam en hoe het verliep. Het is ook een verhaal over een lange diepgaande vriendschap, Een verhaal over twee levens, die heel erg verweven zijn. Een verhaal over de impact van zo’n pelgrimstocht. Een verhaal over leven met God.

Ik vond het een bijzonder en mooi boek. Niet alleen een geschiedenis, maar ook een boek dat inspireert, aan het denken zet. Aanrader dus.
Ik zit me alleen nog steeds af te vragen of mijn exemplaar een collecters item is, of dat alle boeken verkeerd om ingebonden zijn…of dat het een grap met de titel is… . (ja, ik snap dat de omslag andersom kan. maar dit is achterkant van mijn boek)

Het is bijzonder om de nederlandse tocht te volgen, via twitter en facebook. Leuk om foto’s te zien, bijzonder om te zien dat mensen aanhaken en meelopen. En het dan stiekem jammer vinden dat je eigen agenda best vol zit, en je te realiseren dat een hele dag meelopen er domweg niet inzit… Nog een dag te gaan, morgen de “intocht” in Heerenveen.

Op groot nieuws radio was vandaag een interview met een van de deelnemers.

 

Cultuurverschillen

Stille zaterdag, de dag tussenin. Ik probeer ieder jaar bewust stil te staan bij de lijdenstijd, lees een extra leesrooster. Toch ‘overvalt’ goede vrijdag dan. Dat komt vooral door praktische dingen, een gewone werkdag, en ’s avonds naar de kerk. Stilstaan bij het offer van de Here Jezus, deze keer op een bijzondere en aansprekende manier. En dan vandaag stille zaterdag.

Vanmorgen vond ik dat ik eindelijk eens moest strijken. Dat doe ik dan maar met de tv aan, om het niet al te saai te laten zijn. Ik keek “Over de rug van de Andes” terug. Boeiende serie, iets minder boeiend dan de recente serie over China.

Stef Biemans reist door de Andes. Doordat hij vloeiend spaans spreekt maakt hij makkelijk contact met de bewoners van de diverse landen. Mijn indruk is dat hij zich regelmatig verbaast over alles wat hij ziet en hoort. Er zijn bijzondere gesprekken. In een van de vorige keren ging het over bezit en rijkdom. Een inwoner stelde de vraag: wat heb je aan rijkdom, wat heb je aan een aantal auto’s? Straks raak je het kwijt en wie ben jij dan nog, zonder je bezit?

In de aflevering die ik vandaag zag (getiteld: Het eeuwige leven) ging Stef op onderzoek uit hoe het mogelijk is dat veel mensen hier, in Ecuador, zulke hoge leeftijden bereiken. De mensen wisten het zelf niet goed, in die zin kwam het onderzoek niet heel ver. De (meeste) mensen straalden enorm veel levenslust uit. Hielden zich bezig met van alles en nog wat, pensioengerechtigde leeftijd kwam niet in hun woordenboek voor. Misschien wel noodgedwongen. Er was vrouw van bijna negentig, zij zei dat ze  hoopte niet nog heel lang te (moeten) leven. Ze wachtte tot God haar zou roepen. Zo mooi, die overgave. Geen woord over voltooid leven en dan maar actie ondernemen.

We kregen een inkijkje in ‘medische’ methodes: een cavia werd gebruikt als diagnosemiddel. Voor ons, ubergeciviliseerde westerlingen een bijzonder tafereel. Ongelofelijk zelfs. Ik voelde een soort elitaire meewarigheid in me opkomen. Na deze sessie ging Stef naar een hospice. Een hospice dat gerund werd door katholieke zusters. Een bijna negentigjarige liet Stef raden hoe oud ze was, en zelfs op die leeftijd is het nog een eer als iemand je twintig jaar te jong inschat..

Stef Biermans wilde wel graag weten hoe hier tegen euthanasie aangekeken werd. Hoe kan het toch dat de kerk dat tegenhoudt? Op tijd stoppen met leven, het lijkt hem belangrijk. Het is een onderwerp dat hij regelmatig met zijn vader bespreekt. Zijn vader die absoluut niet afhankelijk van anderen wil worden.

Stef keek mee in het hospice, bij een ernstig zieke mevrouw. Haar kinderen waren bij haar. Liefdevol stonden ze om hun moeder. Een dochter wilde graag gezegend worden door haar moeder, en hoe ziek moeder ook was, ze zegende haar dochter in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Stef vroeg aan de zuster (non) hoe lang deze mevrouw nog te leven had. De non gaf als eenvoudig antwoord: totdat God haar roept. Ze benadrukte dat er ‘integrale’ zorg geboden werd, zorg voor de ziel en zorg voor het lichaam. De vraag naar euthanasie werd stevig aan de kant gezet. Dat kon en mocht niet om voor de hand liggende redenen. Wij zijn God niet, Hij gaat over het leven. Het mooiste vond ik dat ze zei: Zo kan ik als Christus voor haar, de patiënt zijn. En zij is Christus voor mij…. Dat waren genoeg woorden, er ontstond een stilte.

De stilte is bijna voorbij. Morgen zal het Pasen zijn!

Sloerig in de rakkert

Lang had ik echt geen idee wat bovenstaande betekent. Het schijnt saksisch dialect te zijn. En het betekent dat je je niet erg prettig voelt. Bijvoorbeeld na een avond stappen en flink doorzakken…. Afgelopen week was ik geveld door de griep. Eerst was allernaaste aan de beurt, hij was ziek en was ook echt ziek. Ik voelde me in de loop van de week  steeds dichterbij ziek worden komen. Gewoon doorgaan en doorwerken, dacht ik. Als ik neerval merk ik het wel. Nou, ik heb het gemerkt. Vrijdag voor een week  ging ik voor de bijl. Klaar en af. Ik kon mijn bed in. Wat volgde was een lastige week. Niet in staat om te werken, dus eerst maar alle werkafspraken afgezegd. Als zzp-er regel je alles zelf en moet je dit ook zelf regelen. Maar goed, ziek is ziek,  het heeft geen enkele zin gesprekken te voeren als je zelf geen idee hebt waar het over gaat en als je niet kunt bedenken wat de volgende zin eventueel misschien zou kunnen zijn. Geveld dus, en rust is het beste idee. ( en o, wat heb ik slecht geslapen, de afgelopen week. Iedere nacht het licht wel twintig keer aan en uit doen, om te controleren of het nog klopt. Overdag hangen om de dag door te komen) Ik voelde me ziek, ik voelde me verdrietig en een holbewoner.

Kortom, tamelijk dramatisch. Voor iemand die eigenlijk nooit ziek is en gewoon maar doorgaat. In mijn donkere hol kroop ik weg voor de grote boze wereld. Ik voelde me beroerd en was druk met piekeren en denken. Niet dat dat wat opleverde… maar op de een of andere manier lukte het niet om mijn gedachten stil te zetten.

Nu ben ik eindelijk koortsvrij. Dat is winst. Hoesten kan ik nog steeds erg goed en ik hoest mezelf de nachten door. Voorzichtig wil ik weer aan het werk. Iets wat helaas tot nog niet best lukte, toch maar weer gestopt..  Thuis blijven maakt me niet erg blij. En blij worden… dat wil ik zo graag…  Gelukkig is er muziek. Iets waar ik wel blij van word. En het is altijd fijn weer “nieuwe” muziek te ontdekken. Dit is de nieuwe muziek voor deze dag……..

Auto-biografie

In het Nederlands Dagblad staan of stonden regelmatig auto-biografiën. Iemand liet zien in welke auto’s hij/ zij gereden had en een deskundige leverde er commentaar op. Om aan die rubriek mee te doen gaat me te ver, maar ik vind het wel leuk om zelf een en ander te vertellen over de auto’s die wij hadden.

Wel, in het begin van ons huwelijk waren we vol idealen. Wij hoefden geen auto. Niet goed voor het milieu. We hebben het dan over eind zeventiger jaren. Dat hebben we volgehouden tot het eerste kind geboren werd.  We kochten een deux chevaux (2CV), beter bekend als lelijke eend. Eentje die wel 75,- (gulden) kostte. Nooit in gereden, we dachten dat ie wel te repareren was. Om die auto weer kwijt te raken, parkeerden we hem langdurig op een braakliggend stuk grond in de stad. Er werden later flats op gebouwd.

De  volgende auto was weer een lelijke eend, deze keer rijdende in  bestelauto uitvoering. Ik haakte een mooi gordijntje, we plakten plakletters op de buitenkant: “BEUN & HAAS BV”.  Zo scheurden we het land door. Met nadruk op scheuren, we deden weleens een poging tot andere auto’s inhalen, een tot mislukking gedoemd experiment. We reden er een paar jaar in, of beter, allernaaste reed erin, ik had toen nog geen rijbewijs. Dat haalde ik een paar jaar later. Ik durfde niet in die eend te rijden, we zochten een andere auto.

In die tijd kreeg allernaaste een andere baan, en een van zijn nieuwe collega’s was geheel en al een Saab gek. Hij handelde er in, en zo stond onze eerste Saab voor de deur. Weliswaar een oud exemplaar, dat was ook precies de lol van deze auto’s. Zo dachten wij in het begin. Het was een tijdperk van veel bezig zijn met de auto. Motor eruit halen, reviseren, er weer in zetten. Na een Saab 96 volgde een 95, omdat die wat ruimer was en we inmiddels meer kinderen hadden. Oude auto’s, waar geen achtergordels inzaten, waar de kinderen gewoon inzaten. Ik stond er niet heel bij stil, het gebeurde gewoon.

We hadden een witte, die heel wat ritjes naar Utrecht heeft gemaakt, in de tijd dat vogel nr. 3 net geboren was en weken in het Wilhelminakinderziekenhuis lag.

 

Na de witte hadden we nog een tijdje deze gele. Ooit gingen we ermee op vakantie. Het werd een van de minst geslaagde vakanties ooit. We hadden twee (van de drie) kinderen bij ons, hadden ergens een caravan gehuurd. De jongens konden ’s avonds niet in slaap komen, ze waren tot een uur of tien bezig met van alles. ’s Morgens vroeg werden we bijtijds gewekt door de heren. Gingen we overdag op pad met hen, dan sliepen ze in no time. ’s Avonds voelden zij zich nog top fit en begonen weer. Onze kinderen houden van structuur, maakt niet uit welke.

De gele Saab was niet zo goed meer en het volgende exemplaar verscheen op de stoep. Of in de garage van schoonouders, beter gezegd. Deze Saab is werkelijk geheel uit elkaar gehaald en weer in elkaar gezet. Allernaaste heeft meer geduld dan ik heb.

 

 

Het jaar 1993 leek feestelijk te beginnen, in ieder geval wat betreft de auto. We kregen een geweldige nieuwjaarskaart:

Het jaar 1993 werd uiteindelijk een mega zwaar jaar. Onze derde vogel werd ernstig ziek en we leefden weken/ maanden in spanning. Uiteindelijk mocht hij overleven en zijn leven weer oppakken.

We reden een aantal jaren in onze rode Saab. Een erg oude auto, bouwjaar 1974. Niet bepaald goed voor het milieu, wel voor de portemonnee, immers belastingvrij. Ik vond het niet een heel prettige auto om in te rijden. Hij reed zeer zwaar, had stuurversnelling

Ineens had ik het: ik werd echt verliefd op een andere rode auto: een Suzuki Swift. Toen ik hem kocht was ie ook niet bepaald nieuw meer, maar wat was ik er blij mee. Dit is ongeveer in 2001.

 

 

 

 

 

De laatste auto waar mijn vader in gereden heeft, was een Fiat Punto. Een automaat. Dat ging nog redelijk, tot ook dat niet meer mogelijk was. (mijn vader had de ziekte van Alzheimer, hij is in 2004 overleden). Mijn moeder reed geen auto meer, de Punto stond in de garage, en er gebeurde niets mee. Uiteindelijk heb ik hem van mijn moeder overgenomen, en zo bleef de auto in de familie. Er lag een keurig geplastificeerd kaartje in, waar op stond hoe je moest starten, en hoe de auto in de achteruit moest.

Ik heb nog een aantal jaren in de Punto gereden. Twee zonen waren erg blij met mijn Swiftje. Op enig moment kreeg ik een baan waarvoor ik veel moest rijden, dat was de reden dat we toch een andere auto kochten.

 

 

en intussen was de Saab ook nog twee keer als trouwauto gebruikt.

 

 

 

 

Na de Punto kochten we een Mitsubishi Spacestar. Oudste kleinzoon wordt niet moe mij er op te wijzen dat dit de lelijkste auto ever is. Dat mag hij doen, mooi is hij ook niet, maar wel super degelijk. Gisteren werd ik zwaar teleurgesteld: ik stond midden op de singel stil en kon niet meer voor of achteruit. De garage gebeld en in no time werden onze auto en ik opgehaald. Ik kreeg een leenauto mee. Ik voelde me in de steek gelaten door onze Spacestar. We besloten de relatie te stoppen en kochten vandaag een andere auto. Een grijze Mitsubishi.

Emma’s verjaardag

“Oma, als het Emma’s verjaardag is, dan gaan we naar haar toe. Naar  waar ze nu is…. eh, hoe heet dat ook alweer?” Ernstig keek ze me aan, Floor, onze kleindochter van vijf.

“Begraafplaats?”,  probeerde ik. “Ja! Zo heet dat. Hoeveel nachtjes slapen nog, oma?”

Samen telden we, en we kwamen uit op nog drie nachtjes slapen, voordat het de verjaardag van Emma zou zijn. Emma, haar grote zus die vandaag vijftien zou zijn geworden. De zus, waar Floor alleen een babyfoto van kent.

Vandaag is het Emma’s verjaardag. Een dag waarop je alleen maar stil kunt zijn, je gewone dingen doet,  naar Hiernaast gaat, een (lange) werkafspraak hebt, naar zang gaat, daar de slappe lach krijgt, en je tranen inslikt.

Emmadag, dag lieve Emma!