MV en ambt

Gisteravond was er een avond over man-vrouw-ambt in onze gemeente. Daar moest en wilde ik natuurlijk bij zijn. De avond was nadrukkelijk niet als discussie avond bedoeld, puur informatief. Over onze gemeente valt te vertellen dat we sinds 1 januari van dit jaar samen zijn gegaan met de Samenwerkingsgemeente. Die bestaat uit leden van de Christelijke Gereformeerde kerken en uit leden van de Nederlands Gereformeerde kerken.

De eerste spreker benoemde dat er al heel veel is geschreven over dit onderwerp, dat het gevaar bestaat dat het meer van hetzelfde wordt. Hij wees ons onder andere op het boek van ds. Niemeijer, met de titel: “Zwijgteksten, scheppingsorde en geesteswerk”.  De spreker legde dit boekje wat achteloos terzijde. (zo was mijn gedachte). Hij vertelde zijn eigen ontwikkeling over de materie. Er volgde een uitleg over hermeneutiek. Vervolgens ging hij (toch) op enkele bijbelteksten in. Er volgde uitleg over de min of meer bekende teksten uit Timotheüs en 1 Korintiërs 14 en Efeziërs 5. De uitleg had als conclusie dat vrouwen wel diacones kunnen zijn, en geen ouderling of predikant. Dat was volgens hem toch wel de meest schriftgetrouwe uitleg, zo begreep ik. Met daarbij de waarschuwing ons niet door de tijdgeest te laten beïnvloeden.  En tenslotte nog het veelgebruikte argument dat als de Here Jezus vrouwen in het ambt had willen hebben, hij ook wel vrouwelijke discipelen had aangesteld. Ik denk dat Jezus juist wel rekening hield met zijn tijdgeest en daarom geen vrouwen aanstelde bij de twaalf discipelen. Verder blijf ik me dan afvragen waarom vrouwen de eerste getuigen mochten zijn van zijn opstanding?

De tweede spreker nam een andere aanvliegroute; aandacht voor de vraag hoe we de bijbel zien. Is de bijbel een eenzijdig boek, in de zin van: Gods leefregels voor ons. Dan lees je de bijbel vooral met je verstand en is bijbelkennis afhankelijk van de hoeveelheid namen en feiten die je kunt noemen. Geloven kan dan  een verstandszaak worden. Misschien komt dit vooral voort uit de verlichting. De tijd waarin een groot geloof in maakbaarheid en kennis is ontstaan.

Of is de bijbel meer relationeel? Uiteraard betrouwbaar, meer dan een set regels en voorschriften, ook een geschiedenis waarin mensen een rol (mogen) spelen. Denk bijvoorbeeld aan de ‘advocatuur’ voor Sodom en Gomorra door Abraham, en zo werden er meer voorbeelden genoemd.

Wat dat met het onderwerp te maken heeft? In ieder geval dat het mogelijk moet zijn dat meningen naast elkaar bestaan, zonder af te doen aan de integriteit van de ander. Dat laatste is een forse opdracht. Het komt er op aan elkaar te aanvaarden. Hoe gauw zien we onze eigen mening, die immers op de bijbel gebaseerd is, als waarheid? Waarheidsliefde en verdraagzaamheid zijn twee principes die voor ons besef moeilijk te combineren zijn. Dit zijn zinnen uit een zeer lezenswaardig artikel uit Onderwegonline.nl waar de spreker op wees.

Eerlijk werd benoemd dat het best lastig kan zijn om elkaar te aanvaarden, zeker als je zelf van mening bent dat vrouwen geen ambten mogen bekleden, terwijl het wel in jouw gemeente gebeurt. Onlangs las ik in een kerkblad de vraag: wat als we worden gedwongen tot zonde? (= als vrouwen ambtsdrager worden). Als dit het uitgangspunt is, wordt het wel erg ingewikkeld…

Wat ik leuk vond was dat ook de tweede spreker het boek van ds. Niemeijer noemde en er erg positief over was. We kregen enkele passages te horen. Het sprak me erg aan. Het verhaal van deze predikant was voor mij een verademing en rustgevend. Het geheel werd boven het nietes/welles exegese verhaal getild en dat deed me goed.

Tenslotte…. Dit was een avond waar mannen de hoofdrol hadden. Logisch, predikanten. Wat ik miste was, zonder diep in allerlei emoties te duiken, de vraag wat dit voor vrouwen betekent. Zoals ik al vaker schreef, het lijkt er soms op dat vrouwen alles mogen doen binnen de gemeente, zolang het A-woord er maar niet aan verbonden is. En dat kan soms flink pijn doen.  Ik vraag me af of mannen zich dat realiseren….

Ik denk dat er een bepaalde vanzelfsprekendheid is in het denken over rolverdelingen tussen mannen en vrouwen. Heel veel dingen lijken/zijn “logisch”. In ons onderbewuste speelt dat een veel grotere rol dan we denken. Onlangs las ik in het Nederlands Dagblad een verhaal over hoe Bellingcat (een onderzoekscollectief)  is ontstaan. Lees de volgende zinnen: “oprichter en directeur van Bellingcat is Eliord Ward Higgins. Hij raakte in 2012 werkloos. Hij bleef toen thuis om op zijn kind te passen. Om zijn tijd door te komen, begon hij een blog.” Ooit iets dergelijks over een moeder gelezen? (overigens, ik blog niet om mijn tijd door te komen).

Wie meer wil lezen over M/V in de kerk: Fokke Pathuis houdt een blog bij, waarin hij veel over dit onderwerp geschreven heeft: https://fpathuis.wordpress.com/

 

Wachten

Wachten… kan ik het nog of heb ik het afgeleerd? Geduld hebben? Ik vind het moeilijk.

In de afgelopen week zag ik het eerste deel van een serie van vier documentaires over het leven in een revalidatiecentrum. Net die middag was ik met een van mijn klanten in ons eigen revalidatiecentrum.

Klant en ik waren veel te vroeg en dronken koffie in het restaurant. Wachten tot we aan de beurt waren. Intussen werden we geconfronteerd met veel letsel. Een samengebalde hoeveelheid ellende en verdriet. Die avond keek ik naar Stuk.

In dit eerste deel ontmoetten we Paul, succesvol man en vader, die van ’s nachts van de trap viel en daardoor een dwarslaesie kreeg. Zijn leven bestaat nu voor een groot deel uit wachten. Wachten tot je uit bed kunt. De verzorging in de ochtend kost nu een uur of twee. ’s Avonds weer wachten tot je in bed geholpen wordt. Tussendoor oefenen oefenen en nog eens oefenen, om zoveel mogelijk toch weer te kunnen functioneren. Wachten en afhankelijk zijn…..

In mijn hoofd ben ik nog bezig met de dag naar den Haag. Het zijn in buurt- en kerkhuis Bethel. (Wat een bijzondere combinatie overigens. Volgens mij is dit echt kerk zijn in een wijk). Ik denk nog aan de liederen die we zongen, de gebeden die uitgesproken werden. Ik denk vooral aan het gezin dat daar nu al drie maanden soort van woont. Op vrijdag 25 januari was Hayarpi Tamrazyans te horen in met het oog op morgen. 

In de dienst die ik meemaakte werden een paar verzen uit Johannes 5 gelezen. In deze geschiedenis gaat het over een verlamde man, die al vele jaren ligt te wachten. Te wachten in een soort verpleeghuis, misschien wel revalidatiecentrum. Jezus spreekt de verlamde man aan en vraagt of hij gezond wil worden. Wat een vraag, zou je denken. De man antwoordt: ik heb geen mens om mij in het water te brengen.
Hoe triest is het als je moet wachten en te weten dat er niemand is om je te helpen. “Ik heb geen mens… ” Ik vraag me af of en hoe ik mens kan zijn voor een ander.

“Vroeger” moesten we op school iedere maandag een psalmvers opzeggen. Meestal hadden we dat in de week ervoor geleerd. Uit het hoofd leren was goed, zo dacht men. Inmiddels ben ik twee psalmberijmingen verder, en ken ik niet veel psalmen nog echt goed. Alleen in deze week, met al die “wachttijden” had ik een psalm in mijn hoofd. Eentje uit de oude berijming, ooit op school geleerd:

Zo ik niet had geloofd dat in dit leven mijn ziel Gods gunst en hulp genieten zou, mijn God waar was mijn hoop, mijn moed gebleven? Ik was vergaan in al mijn smart en rouw. Wacht op de Heer, godvruchte schaar houdt moed! Hij is getrouw de bron van alle goed. Zo daalt zijn kracht op u in zwakheid neer. Wacht dan, ja wacht, verlaat u op de Heer. (psalm 27 vers 7)

Nashville

Wat zullen wij dan zeggen? En is er dan al niet genoeg gezegd? Ik heb het over de verklaring waarover op het journaal gezegd werd dat er veel ophef over woedt. (mooi gezegd) Een verklaring die in Amerika is opgesteld, vertaald is en veel opschudding geeft, de Nashville verklaring dus. Een verklaring die veel verontwaardiging oplevert, en ook verdriet. Het is geen praatstuk, het is een statement  en zo is het bedoeld. Hier staan ‘wij christenen’ voor. En als je hier niet voor staat, ben je geen christen, zo lijkt de gedachte die uit het document spreekt.

De omschrijving gisteren in het  Nederlands Dagblad  in het commentaar van Sjirk Kuijper: “Die verklaring is een levensgevaarlijk illegaal stuk vuurwerk dat te vroeg ontploft in het gezicht van de Nederlandse distributeurs”,  sprak mij erg aan. Evenals de column van vandaag, van Reina Wiskerke. Zij begint met de woorden: “Het thema  ” homoseksualiteit en geloof” deprimeert mij” Ik herken dat, dat deprimeren.  Ik lees wat er in de bijbel staat, ik wil graag leven naar de bijbel. Als ik dan Bijbelteksten lees, weet ik niet heel duidelijk of er staat wat er staat en of ik het goed begrijp.

Als ik denk dat God homoseksuele relaties  niet goed  vindt, zit ik dan op Zijn stoel?  En is het niet heel  makkelijk  dat te zeggen als heteroseksuele vrouw, met niet veel homoseksuele mensen in mijn omgeving.Of in ieder geval: ik  ken er weinig.   (of is er zoveel verborgen homoseksualiteit, of heb ik mijn ogen dicht?)

Er zijn grote woorden gesproken, door ondertekenaars en vanuit de samenleving. Een echt gesprek lijkt bijna niet mogelijk. Er zijn rare vergelijkingen gemaakt, vergelijkingen de alle kranten halen. De voorpagina welteverstaan. Een van de bizarste vergelijkingen is inmiddels teruggetrokken. Dat staat waarschijnlijk ergens op pagina 8 ofzo. Het kwaad is al geschied, de monsterachtige vergelijking zal moeilijk uit te roeien zijn. Hoe moe en verdrietig kun je hiervan worden? En wie wordt hier beter van? Hoe kijkt God hiernaar?

Vanmorgen viel mijn amaryllis van de vensterbank, zomaar, een beweging, en daar lag de plant, gebroken. De schoonheid van deze bloem is voorbij. Ik voel me ook wat gebroken, door alle ophef, door alle onbegrip, van beide kanten. Zoveel verdeeldheid, er is slechts één lachende partij die zich vrolijk maakt over alle verdeeldheid.

Inmiddels zijn er veel blogs geschreven over deze verklaring. De moeite waard om te googelen!

Charity Hands

Gezocht:
Een mooi mens die ons vrijwillig of als stagiair wil helpen teksten te schrijven.
Wat bieden we:
* Samenwerken met leuk team.
* Kijkje in de keuken van ontwikkeling/zendingswerk.
* Social media, WordPress & SEO training.
Wat vragen we:
Goede vaardigheid in Nederlandse taal.
Christelijke levensovertuiging.
Min. 2 uur per week beschikbaar.

Deze tekst zag ik een tijdje terug op Facebook staan. Ik zat in de trein en was wat aan het surfen en vervelen. Ik was onmiddellijk enthousiast, ook al ben ik geen stagiair. Ik mailde en dezelfde avond kreeg ik een berichtje terug. Het was een erg enthousiast mailtje,  tot mijn grote verrassing van een ex-collega!

Die ochtend had ik God gevraagd om nieuwe inzichten en bezigheden, nu er een aantal activiteiten voor mij zijn weggevallen. (sinds ons vertrek bij Hiernaast). Diezelfde avond had ik al een soort nieuwe bezigheden! Hoe bijzonder!

Inmiddels is er al veel mailcontact geweest, heb ik mijn ex-collega weer ontmoet, hebben we heerlijk gegeten en gepraat. Er staat een volgende ontmoeting voor volgende week gepland. Dan gaan we verder nadenken en sparren over mijn schrijftaken, en verder afspreken. Ik zie er naar uit!

In de “advertentie”op Facebook werd een kijkje in de keuken van ontwikkelings/ zendingswerk geboden. Ik merk dat er weer een stuk van de wereld voor mij opengaat. Ik zie en ontdek weer allerlei nieuwe dingen! En ik heb (weer) veel om over na te denken.

De eerste blogs uit mijn pen zijn al te lezen… . https://charityhands.org/india/verpleegster-op-grote-hoogte/

 

 

Doop

Vanmorgen gingen we naar de kerk. Iets dat langzaam aan weer lukt, al blijft een kerkdienst iets met veel prikkels. Het is fijn om wel te kunnen gaan en te weten dat we dat in alle vrede en vrijheid kunnen en mogen.

In deze dienst werd een baby gedoopt. Het formulier daarvoor werd voorgelezen. Oude, vertrouwde woorden. Confronterende woorden ook: dat kinderen in zonden ontvangen en geboren worden. Daar wil ik het liefst aan voorbij gaan. Tegelijk het weten dat  die zonden betaald zijn. Wat niet wil zeggen dat er geen zonden meer gedaan worden. Met afschuw zit ik deze dagen naar de beelden uit de eerste wereldoorlog te kijken..

Er was een “kindmoment”. De kinderen mogen dan naar voren komen, alwaar de dominee met hen in gesprek gaat. De toren gevulde schoenendozen was minstens twee keer zo hoog als op deze foto. Daarom was het beter als de kinderen op hun plek bleven.

“Wie houdt er van de Here Jezus?”, was de vraag. Er gingen heel wat kindervingers de lucht in. Achter me hoorde ik een jochie aan z’n vader vragen: “Jij toch ook, papa?” Papa beaamde dat onmiddellijk.

Dat de Here Jezus van jou houdt mogen we de kinderen, en hoop ik ook elkaar, en hoop ik nog meer: ook buiten de kerk vertellen. En dat vertellen kan met woorden en (meer nog) met daden.

Er werd gedoopt, er werd gezongen: het mooie lied van Sela over de doop. Wat een mooi lied is dat toch: “Prijs de Vader, prijs de Zoon en Heil’ge Geest, prijs de Heer met al wat leeft en adem heeft!

Geef regen Heer….

Al een paar dagen zingt deze regel in mijn hoofd: “Geef regen, Heer, geef regen, de aarde is zo droog”. Afgelopen zondag waren we in een dienst waar  het ‘origineel’ gezongen werd: geef vrede Heer, geef vrede (liedboek 1010). Een nieuwe berijming zou inmiddels kunnen, bij deze droogte en bij deze temperaturen.
In een Nederlands Dagblad van vorige week stond een artikel over de zomer van 1976 waarin de warmte net zo groot was als nu en de droogte minder. Ik kan me herinneren dat het toen erg warm was, het was ons trouwjaar. Ik herinner me dat het toen heel bijzonder was dat het zó warm was. Toen we trouwden was het 30 graden, toen uitzonderlijk! Nu komt het zo vaak voor, dat we er bijna niet van opkijken, alleen temperaturen ver boven de 30 zijn bijzonder. Ik word er zo langzamerhand erg moe van, en met mij velen.Hoe blij was ik vorige week met een enkele regenbui. Bijzonder om te zien dat slakken uit hun schuilplaats kwamen en voorzichtig een fietspad overstaken.

De hitte..en het (dreigende?) watertekort. Wat hebben die temperaturen een impact op het dagelijks leven. Ik verzuchtte onlangs dat ik naar een kouder land wilde emigreren. Nou ja, laten we beginnen met een vakantie in een koel land.  Ik voelde me bijna een klimaatvluchteling. En bedacht dat het niet zo heel vreemd is dat mensen hun land verlaten, als je ziet hoe landen woestijnen worden. Oogsten die mislukken, en vee dat sterft. Het lijkt mij niet zo heel vreemd als je dan op zoek gaat naar betere leefomstandigheden. Inmiddels is er ook voor ons land de angst/ bijna zekerheid dat oogsten mislukken of in ieder geval veel kleiner zullen zijn. Dat zal ongetwijfeld prijsstijgingen tot gevolg hebben. Geen goede vooruitzichten, maar hoe goed hebben wij het in ons deel van de wereld?  (en wat doen we ermee?)

In dat artikel over de zomer van 1976 kwam ik nog een opvallend zinnetje tegen, iets wat me nogal triggerde: een dominee noemde in een blad het bidden om regen een heidens ritueel..

Huh? Hoe kan dat? Waar blijft het aloude geloof in Gods zorg voor de aarde? Zorg waar je om mag vragen? De wereld is in nood, en bij / met alle nood mag je naar Hem gaan!

Tegelijk is het de vraag (en waarschijnlijk is het geen echte vraag) waardoor de droogte wordt veroorzaakt. Toeval? Is dit een een op een gevolg van hoe wij met de aarde omgaan? Of, beter gezegd: niet omgaan, en onze gang gaan? Is dit een boodschap van God en welke dan?

Geloven in begeleiding.

Deze blog schreef ik voor het CGMV en is daar op de website te vinden.

Onlangs las ik in het Nederlands Dagblad een interview met iemand die zowel predikant als psycholoog is.  Aan het slot van het gesprek ging het over het bidden met een patiënt bij een therapiegesprek. De geïnterviewde gaf aan hier moeite mee te hebben omdat de grens tussen pastoraat en psychotherapie dan overschreden werd.  De gesprekken die ik voer zijn duidelijk niet bedoeld als therapie. Begeleiding, meelopen is het doel. Toch zat ik wat te puzzelen over deze opmerking…

illustratie ellen de bruijn

 

 

Dat ik christen ben is voor mijn klanten geen geheim. Op de een of andere manier komt het wel ter sprake. Al is het door mijn antwoord op de door mijn klant gestelde vraag: “En, wat heb jij dit weekend gedaan? Soms aarzel ik om hier op in te gaan. Wat wil ik wel of niet delen met mensen waar ik beroepshalve kom?  De laatste keer dat deze vraag me gesteld werd, was mijn antwoord dat ik op zondag naar de kerk was geweest. Dat werd voor kennisgeving aangenomen.

Soms komt mijn christenzijn spontaan ter sprake. Daar houd ik van. Niet dat er dan van mijn kant onmiddellijk een getuigend gesprek komt. Uiteraard ben ik altijd bereid verantwoording af te leggen van de hoop die in me is. Al wordt er niet vaak naar die hoop gevraagd.

Een van mijn klanten heeft een (voor mij) bijzondere manier van geloven. Daar vertelt hij graag over. Hij weet dat ik christen ben en zijn zienswijze niet deel. Toch kan hij het niet laten vol vuur  te vertellen over de opdracht die Jezus gegeven heeft, om twee aan twee het goede nieuws aan anderen te brengen. Een opdracht die hij wekelijks in praktijk brengt, op een manier die doorgaans niet op veel bijval kan rekenen. Uiteraard respecteren we elkaar en ik ben blij te zien dat hij troost put uit zijn geloof.

En het bidden met klanten? Vorig jaar vroegen twee mensen specifiek om begeleiding van mij, mede omdat ik christen ben. Zij vroegen of het mogelijk was de gesprekken af te sluiten met gebed. En dat doen we dan ook. Danken voor de goedheid van God onze Vader, vragen om kracht die nodig is in de komende tijd. Vragen om rust in het dragen van de beperkingen die er zijn. Dank brengen voor het uitzicht op heelheid in de nieuwe wereld die komen zal.

Afscheid

De hele dag heb ik al een liedje in mijn hoofd:

Dit liedje (dat al eens eerder op mijn blog stond) werd ons vanmorgen toegezongen bij Hiernaast.Dat was nog maar één van de kadootjes die we mochten ontvangen. Deze dag mocht ik mijn 64e verjaardag vieren. En deze dag was de dag van ons afscheid van Hiernaast.

Vanmorgen bakte ik voor de laatste keer de broodjes. Kookte Jan voor de laatste keer de eieren. Voor de laatste keer hielpen we met tafeldekken, zette ik koffie, hebben we als team samen gebeden. Voor de laatste keer mocht ik de brunch met gebed beginnen. Voor de laatste keer werd er voor òns gebeden.

Het deed pijn en het was goed.

Begin dit jaar realiseerde ik me dat ik moe was, erg moe. Ik dacht na over waar die moeheid vandaan kwam. Ik kon het niet helemaal terughalen. Wel realiseerde ik me dat ik met heel veel dingen bezig was. Ik besloot om een stapje terug te doen bij Hiernaast. Ik was er minder en ik deed minder. Dat hielp wel wat, ik voelde me weer rustiger. Toch ontdekte ik dat het nog niet voldoende was.

Nadenken, sparren met allernaaste, vriendinnen, kinderen, bidden. Het was een heel proces. Een proces dat uiteindelijk tot het besluit om helemaal te stoppen bij Hiernaast leidde. Een besluit dat pijn deed. Een besluit dat ook rust opleverde. Een besluit dat allernaaste en ik samen namen, zodat we uiteindelijk ook besloten om samen te stoppen.

Vandaag was de dag dat we afscheid namen. Het was een bijzondere brunch, waarbij ik vaak dacht: dit is de laatste keer dat…..

Nu kijken we terug op een bijzondere dag. Met mensen die  speciaal voor ons  gekomen waren. Met een mooi gedicht dat gelezen werd. We kregen een kado, er hing een geweldige slinger bij Hiernaast. Een slinger waar we nog vaak naar zullen kijken.  En bovenal ontvingen we goede woorden, woorden die ons hart raakten.

Dank voor alles!

Rust

In deze (voor mij) onrustige tijden geniet ik van mijn Micha kalender. Niet altijd, dan heb ik weer het idee dat ik iets moet doen. Of vooral nalaten. Dat doen en nalaten zijn wel herkenbaar. Vanmorgen fietste ik voor de zoveelste keer langs een berm waar veel rommel ligt. Maar ja, ik ben onderweg naar een volgende afspraak en ik heb geen troepprikker bij me. Dus ik kan deze situatie echt niet veranderen, vind ik. En waarom zou ik de troep van een ander opruimen?
Als iedereen zijn eigen zooi opruimt, ziet de wereld er een stuk opgeruimder uit. De wereld, te beginnen in Nederland, en nog liever in mijn eigen straatje.

Beter is het te voorkomen dat je rotzooi en afval hebt. Dat is een nog grotere uitdaging dan rommel opruimen. Dat voorkomen betekent selectief boodschappen doen, (dus minder -plastic- verpakkingen etc.Minder/ andere kleding, enzoverder.)

Dit zijn zomaar wat gedachtes naar aanleiding van de Michakalender. Dit was de tekst van deze dag. Mooi om te lezen. Ik was nieuwsgierig naar de schrijver van deze bijdrage. Gelukkig hielp Google me weer eens op weg..

Weer even met beide voeten op aarde gezet worden, even zitten, even rusten. We hebben het zo nodig, en de verleiding is groot jezelf en de Ander voorbij te rennen.

Romeinen vijf vers 1 tot 5

Aan het begin van het jaar bedacht ik dat ik wel weer (eens) een bijbels dagboek wilde lezen. De keuze viel op het Bonhoeffer Brevier. Nou ja, zo was het niet echt. Een mede-blogger vertelde dat zij met dit dagboek begonnen was en ik herinnerde me dat ik het in een boekenkast had staan. Goede gelegenheid om er ook mee te beginnen!

Min of meer trouw lees ik elke dag een stukje. Het taalgebruik is wat gedateerd, logisch. Op twee maart begon een deel over vrede met God. Als tekst: Romeinen vijf vers 1 tot 5. Dat begint geweldig mooi: “Wij zijn dus als rechtvaardigen aangenomen op grond van ons geloof en leven in vrede met God, door onze Heer Jezus Christus. Dankzij Hem hebben we door het geloof toegang gekregen tot Gods genade, die ons fundament is, en in de hoop te mogen delen in zijn luister prijzen we ons gelukkig

Ah, hier kan ik blij van worden! De vrede van God! Ik zie mooie beelden in mijn hoofd, en probeer al te bedenken hoe ik de bijbelpagina waar dit vers staat, mooi kan maken. (heel af en toe begeef ik me op het biblejournaling pad)

Dan kijk ik verder in de tekst en lees: “En dat niet alleen, we prijzen ons zelfs gelukkig onder alle ellende, omdat we weten dat ellende tot volharding leidt, volharding tot betrouwbaarheid, en betrouwbaarheid tot hoop. Deze hoop zal niet worden beschaamd, omdat Gods liefde in ons hart is uitgegoten door de heilige Geest die ons gegeven is.”

Dat is iets meer dan alleen vrede. Vrede is waar we naar snakken. Vrede met God, vrede in deze verscheurde wereld. Maar dit gaat over ellende en volharding en betrouwbaarheid, en hoop. Hoop die in zekerheid en in zien zal overgaan.

Ik lees verder in het boek van Bonhoeffer en kom mooie zinnen tegen. Het kruis als toegang tot genade. De open deur naar de vrede van God. Op de volgende dag gaat het verder: “Er is nog niet gezegd hoe God uw leven in de vrede Gods op de proef wil stellen, opdat die vrede werkelijkheid zij en meer dan een woord. We leven nog hier op deze aarde, nog niet in de volmaakte wereld. Of wij de vrede van God werkelijk gevonden hebben, zal blijken uit de manier waarop wij staan tegenover de verdrukking die over ons komt. Veel christenen buigen wel hun knie voor het kruis van Christus, maar tegenover iedere verdrukking in hun leven kennen zij alleen verzet en tegenstribbelen. Zij denken dat zij het kruis van Christus liefhebben, maar het kruis in hun eigen leven haten zij. Wie van zichzelf weet dat hij de verdrukking in eigen leven alleen kan zien als iets vijandigs, iets kwaads, kan daaruit concluderen dat hij de vrede met Christus nog helemaal niet gevonden heeft.”

Voorwaar, pittige woorden waar ik op zit te kauwen. Ik vraag me af wat er met verdrukking/ het kruis in je leven bedoeld wordt. Is dat vervolging omdat je in God gelooft en dat niet mag, zoals dat in heel veel landen is? Is je kruis dragen het lijden wat een ieder van ons in grote of kleinere vorm in het leven meemaakt?

In ieder geval vertaal ik bovenstaande zinnen naar overgave aan God. Overgave in je leven. Waarmee ik niet bedoel te zeggen dat je een willoos poppetje bent, een willoos slachtoffer. Ik denk dat je op mag staan tegen onrecht. Meer nog, dat we de opdracht hebben daar tegen op te staan.

Tegelijkertijd, heftige gebeurtenissen, in welke zin ook, zijn deel van deze gebroken tijd en wereld. Je/we/ ik begrijp(en) niet waarom dingen gebeuren, of misschien juist niet gebeuren. In hoeverre is het mogelijk ook dan in vrede met God te leven? Uit ervaring weet ik dat dat veel strijd en tijd kost. Opstand, boosheid, onbegrip. Ik zou bijna zeggen: wie kent deze dingen niet?

Menselijke worstelingen met de Heer van de hemel. In de bijbel vinden we hier best veel voorbeelden van. Herkenbaar dus. Maar uiteindelijk is God de Heer en overwinnaar. En bij die Heer mogen we altijd (terug) komen. In de vrede die Hij wil geven.

Gisterochtend zongen we dit lied in de kerk. Het raakte me enorm. Zinnen als: “Heer, ik geef U mijn hart, ik geef U mijn ziel, ik leef alleen voor U. Leid de weg die ik ga, elk moment dat ik besta. Heer doe Uw wil in mij”

Ik vind het geweldig mooi om te zingen en tegelijkertijd is er de puzzel: ja, makkelijker gezongen dan gedaan. Mijn ik wil toch het liefste alles zelf bedenken en regelen. Vervolgens realiseer ik me dat er één totaal voorbeeld van overgave is: de Zoon die zich overgaf aan de Vader, voor ons.