Wat zou ik gelukkig zijn…

Wat zou ik gelukkig zijn,

als ik de Schepper zou mogen eren.

Hij die alle dingen leidt,

de hemel met zijn engelen,

de lucht, de zee, ja eigenlijk alles.

Als ik met behulp van mijn boeken

zou nadenken over wat goed is voor mijn ziel;

Tijd zou nemen om met mijn loflied de hemel toe te zingen,

en tijd om mijzelf te wijden aan het leren van de psalmen.

Als ik tijd zou hebben om,

zeewier van de rotsen te oogsten,

of gelegenheid om te vissen.

Tijd om de armen te eten te geven

en in mijn hut te zijn.

Tijd om te bidden voor het koninkrijk der hemelen,

en voor onze verlossing, dat zou ik wensen.

En daarnaast tijd voor wat werk, niet te zwaar-

wat zou ik gelukkig zijn.

Columba van Iona (521/522-597)

“gepikt” van de Micha Scheurkalender 2018. (die een absolute aanrader is)

Orgaandonatie (2)

Gisteren is de  wet orgaandonatie aangenomen in de eerste kamer. Met een minimale meerderheid, 36/ 38. Nu gaat het zo worden dat iedereen zijn organen beschikbaar wil stellen voor donatie, behalve wanneer je het niet wilt, dan moet  je dat zelf doorgeven. Mocht je inderdaad in de situatie komen dat je donor kunt worden, dan wordt er eerst nog overlegd met je naasten.

Op tv was veel aandacht voor dit nieuws. In Nieuwsuur was een gesprek met iemand die dringend een donorhart nodig heeft. Het blijft een ingewikkelde situatie, dat iemand een donorhart nodig heeft, terwijl je dan weet dat er iemand (voor jou) moet sterven om dat mogelijk te maken. (bijna de paasgedachte).

Twitter ontplofte gisteravond en vanmorgen. In mijn tijdlijn voornamelijk mensen die tegen deze nieuwe wet zijn en een behoorlijk aantal daarvan gaf aan nu geen donor meer te willen zijn. “Want ik wil niet dat mijn organen naar de staat gaan, ” lees ik als argument. Of: al die laaggeletterde mensen die niet snappen wat ze kiezen, dus ik wil ook geen donor meer zijn. Of: “Ik gun mijn naasten een rustig afscheid, dus ik word geen donor”. Voor mij allemaal bizondere redenen die ik ook niet helemaal kan volgen eerlijk gezegd.

Het verbaast me dat (ook) veel christenen zo reageren. Mijn lichaam is van mij en niemand heeft er iets over te zeggen. In andere situaties, bijvoorbeeld euthanasie/ laatste wil pil, is het argument juist dat je niet de baas bent over je eigen leven en levenseinde. Vanmorgen in het ND stonden diverse reacties. Deze sprak me het meeste aan: “Mijn lichaam is niet van mijzelf, ik heb het in bruikleen van de Schepper. Het verbaasde me dat juist christenen in deze discussie opkwamen voor autonomie”. Gijsbert van den Brink, theoloog. Daar kan ik me in vinden.

Al eerder schreef ik over dit onderwerp.

Op de weblog van ds. Ernst Leeftink  verscheen vandaag ook een interessant artikel over donatie. Op deze website zijn veel meer artikelen te vinden over dit onderwerp.

 

Zondagavondtelevisie

Voor mij geen luizenmoeder op zondagavond, ik reis liever door China. Door het hart van China met Ruben Terlou als gids en reisleider. Een tijd geleden was de serie “Langs de oevers van de Yangtze te zien, die serie keek ik al met veel plezier. Nu deze serie, die over een tocht  van het noorden naar het zuiden van China gaat. Het bijzondere is dat Ruben Terlou chinees spreekt en daardoor snel contact met de inwoners van het land heeft. Moeilijke gesprekken schuwt hij niet. Iedere keer opnieuw verbaas ik me over de schoonheid van het land. Zó mooi! En iedere keer opnieuw verbaas ik me over de bevolking, zo vréselijk veel mensen. Steden vol. Zoveel mensen zo dicht op elkaar en tegelijkertijd zoveel eenzaamheid. De politiek van een kind per gezin heeft er uiteraard voor gezorgd dat er geen broers en zussen zijn. Zorg voor ouders komt dan op één paar schouders terecht. Het allene kind moet alle dromen en wensen van de ouders waarmaken, wat een enorme druk oplevert.

Te zien is de trek van uit het platteland naar de steden. In de dorpen wonen alleen oude mensen. Zondag ging het over gezondheidszorg. Een arts liet zien hoe hij te werk ging. Hij werkte op een eiland, waar ongeveer 800 bejaarden wonen. Geen jongeren, geen gezinnen. Scholen werden gesloopt. Die arts gaf een infuus en veel verschillende medicijnen aan een man die slechts fikse verkoudheidsklachten had. Ruben (die geneeskunde gestudeerd heeft) liet zijn verbazing volop zien.

In een grote stad bezocht hij een ziekenhuis dat gespecialiseerd is in de behandeling van kanker. Het was er overvol. Overal mensen en nog meer mensen. Ze liepen te slepen met hun eigen CT scans. Consulten gingen aan de lopende band. De arts bleef op z’n stoel zitten, en de patiënten liepen in en uit. Ik kreeg niet het idee dat er erg veel behandeld werd. Wij klagen hier misschien nog wel eens over de kosten van de zorgverzekering, en de hoogte van de eigen bijdrage. Die kosten vallen in het niet vergeleken bij de bedragen die in de film genoemd werden. Mensen staken zich volop in de schulden om de behandeling van hun geliefden te kunnen betalen. Tienduizenden euro’s moesten ze zelf betalen. Euro’s die betaald werden voor behandelingen die mogelijk een paar maanden verlenging van het leven konden geven. Verzekeringen bestaan wel, maar dan nog moeten de mensen zelf 70% van de behandeling zelf betalen. Schrijnend was een scene waarin een vrouw ontzettend op haar kop kreeg van een andere vrouw. De eerste zou het land te schande maken, ze moest dankbaar zijn voor alle goeds dat de staat voor haar deed. Zij had namelijk verteld aan Ruben hoeveel ze bij moest dragen aan de behandeling van haar man, en hoe moeilijk het allemaal was. Haar man zat stil als een doodziek vogeltje op een stoeltje te wachten op de dingen die zouden komen.

Ontroerend waren de beelden van een fotoshoot die Ruben deed bij een ernstig zieke vrouw . Ze maakte zich mooi voor de foto’s. In de aftiteling werd vermeld dat zij inmiddels was overleden.

Hoe te sterven?

Gisteren stond in het Nederlands Dagblad een ANP bericht over hulp bij zelfdoding van een moeder, door haar zoon. Een zaak die al een aantal jaren speelt, waar nu al voor de derde keer een voorwaardelijke celstraf voor is geëist. De advocaat in deze zaak vindt dat deze zoon de juiste keuze heeft gemaakt en daarom niet strafbaar is:

“Hij kende de wet en de mogelijke gevolgen, maar hij koos terecht voor de morele plicht om zijn moeder te helpen bij een pijnloze dood. Er waren geen alternatieven.”

Eerlijk gezegd… om maar weer eens een cliché te pakken: ik wist niet wat ik las. Morele plicht om je moeder te helpen dood te gaan?

Gistermiddag gingen allernaaste en ik naar een film. Onze keuze was gevallen op de film “Happy End”. Een film van Michael Haneke.  Ik zag al vaker films van hem. Het was weer een pittige film. Veel lijntjes en draadjes. Een film over leven en dood. Over hoe te leven, al dan niet met je kop in het zand, en hoe te sterven, al dan niet zelf gearrangeerd. Relaties onder druk, relaties om geld, relaties om sex, weinig liefde in te zien. Als ik zeg: we genoten ervan, dan klopt dat niet. Wel weer aan het denken gezet door de vraag wat je zelf wel of niet wilt zien. Hoe leef je met dat wat God je gegeven heeft?

 

Gisteravond lazen we, zoals altijd, aan tafel uit de bijbel. Ons leesrooster gaf Jesaja vijf vers 18-24 aan.  Vers 20 luidt als volgt:

“Wee degenen die het kwade goed noemen, en het goede kwaad, die het licht tot duisternis maken en het duister tot licht, die van zoet bitter maken en van bitter zoet”

Goed verhaal

Gisteravond togen we naar Apeldoorn om daar naar een theatervoorstelling te gaan. Je moet toch wat, als de IJssel oversteken voor artiesten wat lastig lijkt. We gingen naar Timzingt. 

Mijn communicatie met de kaartjesautomaat verliep nogal moeizaam.  De reis verliep deze keer vlekkeloos. We wandelden een kwartiertje en waren bij het theater van bestemming.

Onze plaatsen waren op de allereerste rij, helemaal in het hoekje. Hm, zou niet echt onze eerste keuze zijn, maar we hadden niets te kiezen. Uiteindelijk viel het mee, we zagen alles goed en het geluid was niet oorverdovend.

Wat volgde was enerverend. Hilarische teksten waarbij ik de neiging kreeg te huilen. Niet van het lachen, wel omdat de teksten me raakten. Leidraad van de avond was het levensverhaal van de oma van Tim. Het was een spiegel en soms een feest van herkenning.

Het was een waterval van verhaaltjes, anekdotes, liedjes. Verhalen waarin ik me meegezogen voelde. De woorden vlogen de zaal in. Het ging over heel veel. Opvoeding, onderwijs, selfies. facebook, geloven, relaties, tuinieren. Onderwijs is: ik weet een verhaal en ik wil graag dat jij dat verhaal ook kent. Zo waren er veel meer mooie zinnen. Zoveel… zo mooi…

 

 

 

Zeg niet….

zeg niet: dat heb ik ook weleens,

als iemand zegt: ik heb altijd hoofdpijn

 

zeg niet: o ja, dat heb ik ook,

als iemand zegt: ik ben zo moe

 

zeg niet: voor mij is ook niet alles bereikbaar,

als een wheeler ergens niet naar binnen kan

 

zeg niet: ik snap ook niet alles

als iemand zegt: ik raak het overzicht kwijt

 

zeg niet: ik ben ook wel eens kort door de bocht,

als iemand zegt een kort lontje te hebben

 

zeg niet: ik vergeet ook wel eens wat,

als iemand zegt zo vergeetachtig te zijn

 

zeg niet: ik zie toch niets aan jou

alsof wat je niet kunt zien er ook niet is

 

zeg niet: wees nu blij met wat je wel kunt,

als de mogelijkheden steeds beperkter worden

 

zeg niet: ik snap wat je bedoelt,

want echt snappen lukt vaak niet.

 

wees stil en zorg dat je er bent.

Grenzen

Grenzen, een spannend onderwerp.

Hoeveel ruimte heb jij, hoeveel ruimte heeft de ander? Als ik iemand iets weiger, doe ik hem/ haar dan tekort? Of voelt een ander zich dan afgewezen? Moet ik onmiddellijk op ieder berichtje, iedere vraag reageren? (en waarom reageer ik dan eigenlijk?) Ben ik zelf bang afgewezen te worden?

Enne, het is toch ook christelijk om om een ander te geven en voor een ander te zorgen? Maar waar eindigt meeleven en waar begint pleasen? En ga je over je eigen grens als je iets doet waar je niet veel zin in hebt? Zoiets als ‘zelfverloochening’. (en ik heb het hier niet over grensoverschrijdende fysieke dingen)

Of doe je alleen die dingen die je echt leuk vindt?

Over deze onderwerpen kun je eindeloos doorpraten en doordenken. Dat gebeurt dan ook. Afgelopen week kwam het aan de orde in een gesprek, in mijn werksituatie.  Het ging over de redenen waarom je dingen doet. Soms zit daar inderdaad angst voor afwijzing onder. Maar, als je het altijd iedereen naar de zin probeert te maken, weet je dan nog wie je zelf bent? Wat jouw wensen zijn, jouw verlangens. En, niet onbelangrijk: kun je die wensen kenbaar maken? Het was een boeiend gesprek, vond ik.

Gistermiddag had ik mijn oma-petje op. Ik mocht de kinderen uit school halen. Vrolijk kwamen ze de school uit. En vrolijk zaten ze in de auto.  Het was geweldig mooi weer, twee kleinzonen gingen buiten spelen. Kleindochter (5) was binnen bezig met het bouwen van sprookjespaleizen. Een precies klusje wat alle aandacht verdient.

Ik probeerde een gesprekje te voeren, met de geijkte vragen hoe het op school was die dag, en wat ze beleefd had. Haar antwoord was helder: “Oma, nu niet hoor, ik wil niet praten, ik ben bezig”.

Meer lezen over het onderwerp grenzen: “Grenzen” geschreven door Henry Cloud en John Townsend. En een recenter boek, geschreven door Michelle van Dusseldorp en Carianne Ros: “Nee is oké”, met als ondertitel: meer genieten, minder moeten.

Weer een film

Het gaat er op lijken dat ik alleen nog maar over films schrijf.. ik beloof dat mijn volgende blog over een ander onderwerp gaat.

Vorige week ging ik naar deze film met een kennis. Niet in ‘mijn’ vertrouwde filmhuis, wel in de grote bioscoop. We gingen naar de middagvoorstelling. De bioscoop maakte een verlaten indruk. Geen kassa open… kaartjes kopen via een automaat.

Mijn kennis kan niet zo goed traplopen, we moesten naar de eerste verdieping, dus zochten we een lift. Daar hing een briefje op: als u gebruik wilt maken van de lift, moet u zich bij de kassa melden. Maar ja, die was dus gesloten. Ik vroeg het aan een rondlopende serveerster. Ze adviseerde me naar boven te gaan voor verdere inlichtingen, zij kon me niet verder helpen….

Uiteindelijk kwamen we in de zaal boven. Er waren ongeveer vijf bezoekers. De film was uitgekozen door mijn kennis. Ik liet me twee uur verrassen. Het was mijn kennismaking met Tom Cruise. De film is gebaseerd op een waargebeurd verhaal. Een onvoorstelbaar verhaal. Een verhaal over hoe iemand steeds verder in een web terecht kan komen. Voor mij ook een duik in de geschiedenis. De geschiedenis van midden Amerika in de jaren tachtig vorige eeuw. In de film waren soms documentaire achtige delen. Een jonge Bill Clinton, Ronald Reagan eerst als filmster en daarna als president. Juist die stukjes geschiedenis vond ik bijzonder. Nogal eens een o ja gedachte, zo was dat. Wat weet ik er nog van, vroeg ik me af. Niet zo heel veel. Het was de tijd dat ons gezin groeide en ik vooral daar mee bezig was.

Ik verbaasde me in het verhaal over alle intriges en complotten. Dan denk je, heel naïef dat politiek soort van eerlijk is. Niets is minder waar. Niets was wat het leek. Intrigerend. Ik zat me af te vragen hoe dat dan nu zou zijn. Niet veel anders, ben ik bang. Dat is dan wel weer heftig.

The big sick

Onlangs zagen we deze film, in ‘ons’ filmhuis. 

Toen wij er waren was de zaal behoorlijk vol, wat bijzonder is. Vanaf morgen is de film opnieuw te zien, tot en met dinsdag 5 september.

Wij vonden het een bijzondere film. Niet eens zozeer verhaallijn, wel hoe er gespeeld werd. Het bijzondere is dat het filmverhaal gebaseerd is op het leven van de hoofdrolspeler. Hij is een amerikaan van pakistaanse afkomst. Hij leeft als het ware in twee werelden. Werelden die botsen. Zijn moeder wil hem uithuwelijken aan een pakistaanse. Ze organiseert vaak “spontane” ontmoetingen. Geen enkele vrouw valt in de smaak. Dat kan ook niet, hij heeft een geliefde. Een rasechte amerikaanse. Een zwijmelfilm met inhoud, zo zou ik het willen omschrijven. Niet oppervlakkig, er zitten echt wel nadenkers in. En ja, ik beken: ik had een zakdoek nodig…

Laatste brunch (van dit seizoen)

Ik doe de vier tafelkleden die we vanmorgen gebruikten in de wasmachine. Ik bedenk dat dit de laatste keer van dit seizoen is dat ik ze was. Nog één keer strijken, en dan pas weer ergens in september. Even een aantal weken geen brunch is ook wel goed. Zelf even bijtanken en nergens voor hoeven zorgen. Zitten, zingen, aanhoren…. er is een tijd voor bezig zijn met- en voor de brunch en een tijd voor even alleen maar consument zijn.

Vanmorgen dus de laatste keer, voor we op vakantie gaan. We waren niet helemaal “compleet”, een enkele vroege vakantieganger was er niet. Er was, zoals altijd, royaal te eten en te drinken. Er waren twee verjaardagen geweest en zongen de jarigen toe. We maakten een gezamenlijk vriendenboekje en ook nog een groepsfoto.

We dankten voor dit afgelopen seizoen. We mochten in alle vrijheid bij elkaar komen. Meeleven met elkaar. Elkaar helpen als dat nodig was. Vriendschappen mochten groeien. We hebben plannen om volgend seizoen een alpha cursus te geven. Er is groei! En daar zijn we erg dankbaar voor!

Tot slot kregen we de zegen mee:

“De Heer zal jullie gelukkig maken en jullie beschermen. De Heer zal bij jullie zijn en voor jullie zorgen. De Heer zal aan jullie denken en jullie vrede geven”